HOOFDZAAK

Online alumni magazine WINTER 2022/2023

Wij geven de techniek
vorm, maar de techniek
verandert ons ook

Online alumni magazine WINTER 2022/2023

HOOFDZAAK

tekst | Shirley Haasnoot
beeld | Milan Hulsing, Denise van Dorp en Sander Nieuwenhuys

Wij geven de techniek
vorm, maar de techniek
verandert ons ook

Online alumni magazine WINTER 2022/2023

HOOFDZAAK

tekst | Shirley Haasnoot
beeld | Milan Hulsing, Denise van Dorp en Sander Nieuwenhuys
leestijd: 8 min

Techniekfilosoof Peter-Paul Verbeek is de nieuwe rector magnificus aan de UvA. Als internationaal befaamd onderzoeker maakt hij zich sterk voor de toegankelijkheid van wetenschappelijke kennis. Als ethicus stelt hij vragen: Over het lerend vermogen van kunstmatige intelligentiesystemen, de conservatieve katholieke kerk, het afvangen van CO2, en hoe we ons in vrijheid kunnen verhouden tot de invloed van de technologie waar we onherroepelijk aan blootstaan.

‘We leven in een bijzondere tijd’, zegt Peter-Paul Verbeek (1970) in zijn werkkamer op de zesde verdieping, met weids uitzicht over het Roeterseiland. ‘Politieke keuzes kunnen we niet meer maken zonder wetenschappelijke basis. Kijk maar naar de strijd tegen klimaatverandering, naar de stikstofdebatten. Overal hebben we wetenschap nodig om tot keuzes te komen. Tegelijkertijd wordt datgene dat wetenschappers doen steeds meer bepaald door wat er maatschappelijk nodig is, en minder door pure nieuwsgierigheid. Er lopen onderzoeken naar hoe we CO2 kunnen absorberen of zelfs hoe we de kracht van de zon kunnen afzwakken. De universiteit krijgt daardoor een nieuwe maatschappelijke functie.’

Verbeek is de nieuwe rector magnificus van de UvA, sinds hij op 1 oktober 2022 in die functie Karen Maex opvolgde. Als filosoof bekleedt hij een leerstoel bij de faculteit Natuurwetenschappen, Wiskunde en Informatica. In zijn onderzoek richt Verbeek zich op de relaties tussen mens, technologie en samenleving, bekeken vanuit het oogpunt van de ethiek, de leer van wat ethisch of moreel is. Voor zijn komst naar de UvA was hij universiteitshoogleraar Filosofie van mens en techniek aan de Universiteit Twente, waar hij ook studeerde en promoveerde. Daarnaast vervulde hij talrijke academische en bestuurlijke nevenfuncties.

‘Ja, ik ben altijd met uiteenlopende zaken bezig, dat vind ik prettig. Ik vind spannend wetenschappelijk onderzoek interessant, maar ik wil ook maatschappelijk relevante dingen doen, en dat kan als bestuurder.’ Aan de UvA wil Verbeek de stem van de wetenschap duidelijk laten klinken aan de bestuurstafel. Daarnaast wil hij na een inwerkperiode ook inhoudelijk deelnemen aan de organisatie waar hij bestuurlijk verantwoordelijk voor is, door college te geven, betrokken te blijven bij onderzoeksprojecten en te publiceren.

De veranderende maatschappelijke rol van de universiteit in de samenleving hangt nauw samen met de toegang tot kennis, en die is de laatste decennia enorm veranderd, zegt Verbeek. Zo heeft de digitalisering van de wetenschap een enorme vlucht genomen. Daarnaast verspreidt informatie, maar ook desinformatie, zich razendsnel via sociale media. Toegang tot betrouwbare kennis is essentieel om democratische keuzes te kunnen maken. Om onderzoek in zijn eigen vakgebied gratis online beschikbaar te maken, richtte hij met collega’s aan de UT een open access tijdschrift op, het Journal of Human-Technology Relations. Daarnaast bepleit Verbeek Citizen Science, waarbij burgers samenwerken met academici. Zo loopt aan de UvA het project WikipediaCitations, waarbij de bronnen achter de informatie in Wikipedia verduidelijkt worden.

‘Sommige technologieën zijn intrinsiek fout’

‘We leven in een bijzondere tijd’, zegt Peter-Paul Verbeek (1970) in zijn werkkamer op de zesde verdieping, met weids uitzicht over het Roeterseiland. ‘Politieke keuzes kunnen we niet meer maken zonder wetenschappelijke basis. Kijk maar naar de strijd tegen klimaatverandering, naar de stikstofdebatten. Overal hebben we wetenschap nodig om tot keuzes te komen. Tegelijkertijd wordt datgene dat wetenschappers doen steeds meer bepaald door wat er maatschappelijk nodig is, en minder door pure nieuwsgierigheid. Er lopen onderzoeken naar hoe we CO2 kunnen absorberen of zelfs hoe we de kracht van de zon kunnen afzwakken. De universiteit krijgt daardoor een nieuwe maatschappelijke functie.’

Verbeek is de nieuwe rector magnificus van de UvA, sinds hij op 1 oktober 2022 in die functie Karen Maex opvolgde. Als filosoof bekleedt hij een leerstoel bij de faculteit Natuurwetenschappen, Wiskunde en Informatica. In zijn onderzoek richt Verbeek zich op de relaties tussen mens, technologie en samenleving, bekeken vanuit het oogpunt van de ethiek, de leer van wat ethisch of moreel is. Voor zijn komst naar de UvA was hij universiteitshoogleraar Filosofie van mens en techniek aan de Universiteit Twente, waar hij ook studeerde en promoveerde. Daarnaast vervulde hij talrijke academische en bestuurlijke nevenfuncties.

‘Ja, ik ben altijd met uiteenlopende zaken bezig, dat vind ik prettig. Ik vind spannend wetenschappelijk onderzoek interessant, maar ik wil ook maatschappelijk relevante dingen doen, en dat kan als bestuurder.’ Aan de UvA wil Verbeek de stem van de wetenschap duidelijk laten klinken aan de bestuurstafel. Daarnaast wil hij na een inwerkperiode ook inhoudelijk deelnemen aan de organisatie waar hij bestuurlijk verantwoordelijk voor is, door college te geven, betrokken te blijven bij onderzoeksprojecten en te publiceren.

De veranderende maatschappelijke rol van de universiteit in de samenleving hangt nauw samen met de toegang tot kennis, en die is de laatste decennia enorm veranderd, zegt Verbeek. Zo heeft de digitalisering van de wetenschap een enorme vlucht genomen. Daarnaast verspreidt informatie, maar ook desinformatie, zich razendsnel via sociale media. Toegang tot betrouwbare kennis is essentieel om democratische keuzes te kunnen maken. Om onderzoek in zijn eigen vakgebied gratis online beschikbaar te maken, richtte hij met collega’s aan de UT een open access tijdschrift op, het Journal of Human-Technology Relations. Daarnaast bepleit Verbeek Citizen Science, waarbij burgers samenwerken met academici. Zo loopt aan de UvA het project WikipediaCitations, waarbij de bronnen achter de informatie in Wikipedia verduidelijkt worden.

‘Sommige technologieën zijn intrinsiek fout’

Positieve ethiek

Als wetenschapper is Verbeek een belangrijke stem in het publieke debat over techniek, maatschappij en ethiek. Al in 2010 legde hij op het podium van popfestival Lowlands uit hoe ethische vraagstukken ontstaan door de maakbaarheid van de mens. Een terugkerend thema in zijn werk is het idee dat wij weliswaar de techniek vormgeven, maar dat de techniek ons ook verandert.

Verbeek noemt het algoritme van Spotify, dat voortdurend muziek aandraagt die je op basis van je eerdere keuzes wellicht leuk vindt. Het is zo ingericht dat het ook inschat wat je leuk zou kunnen vinden in een interculturele context. Verbeek: ‘Ik houd van allerlei soorten muziek, en ook van blues. Van Spotify krijg ik nu soms Arabische blues-suggesties. Daardoor ontwikkel ik mijn muzieksmaak en ik vind dat ontzettend leuk, zelf zou ik deze muziek nooit ontdekt hebben. Dit algoritme heeft een impliciete educatieve functie. Het laat zien hoe je in de ontwikkeling van kunstmatige intelligentie-systemen bepaalde waarden rond diversiteit kunt vormgeven.’

Zijn ethische benadering beschrijft Verbeek als positieve ethiek. ‘Ik onderzoek hoe we op een goede manier de impact van wetenschap en techniek op de samenleving kunnen begrijpen. Daarnaast kijk ik ook hoe je die ethisch kunt begeleiden.

Denk bijvoorbeeld aan genome editing waarmee we menselijk of dierlijk dna kunnen aanpassen. Ik denk dat we de vraag moeten stellen hoe we deze technologie vanuit ethische waarden kunnen inbedden in de maatschappij. Als we ons beperken tot het trekken van grenzen bij dit soort ingewikkelde of controversiële vraagstukken, laten we veel kansen liggen.’ Dat betekent niet dat we alle techniek moeten accepteren, zegt Verbeek. ‘Ik zou geen goede manier weten om een atoombom in de maatschappij te integreren. Sommige technologieën zijn intrinsiek fout.’

Verbeeks begeleidingsethiek is niet alleen bedoeld voor de tekentafel van ethici en filosofen. Hij bepleit een aanpak waarbij professionals en burgers worden betrokken, mensen die met technologieën werken en daardoor ervaren wat de impact ervan is. ‘Denk aan het ontwerp van een nieuw model scanner in een ziekenhuis, waarmee je voor het eerst bepaalde aandoeningen kunt detecteren. Die nieuwe kennis leidt ertoe dat je behandelkeuzes moet maken die je eerder niet had. Wat verandert er dan in de verantwoordelijkheden tussen artsen, verpleegkundigen en patiënten? Wat gebeurt er met de data? De ervaringen van gebruikers van zo’n scanner zijn belangrijk om te beoordelen welke waarden op het spel staan, zoals welzijn, solidariteit of privacy. Met die ervaringen kunnen we bepalen hoe nieuwe technologie het beste kan worden toegepast en of we bijvoorbeeld de regelgeving hieromtrent moeten aanpassen.’

Positieve ethiek

Als wetenschapper is Verbeek een belangrijke stem in het publieke debat over techniek, maatschappij en ethiek. Al in 2010 legde hij op het podium van popfestival Lowlands uit hoe ethische vraagstukken ontstaan door de maakbaarheid van de mens. Een terugkerend thema in zijn werk is het idee dat wij weliswaar de techniek vormgeven, maar dat de techniek ons ook verandert.

Verbeek noemt het algoritme van Spotify, dat voortdurend muziek aandraagt die je op basis van je eerdere keuzes wellicht leuk vindt. Het is zo ingericht dat het ook inschat wat je leuk zou kunnen vinden in een interculturele context. Verbeek: ‘Ik houd van allerlei soorten muziek, en ook van blues. Van Spotify krijg ik nu soms Arabische blues-suggesties. Daardoor ontwikkel ik mijn muzieksmaak en ik vind dat ontzettend leuk, zelf zou ik deze muziek nooit ontdekt hebben. Dit algoritme heeft een impliciete educatieve functie. Het laat zien hoe je in de ontwikkeling van kunstmatige intelligentie-systemen bepaalde waarden rond diversiteit kunt vormgeven.’

Zijn ethische benadering beschrijft Verbeek als positieve ethiek. ‘Ik onderzoek hoe we op een goede manier de impact van wetenschap en techniek op de samenleving kunnen begrijpen. Daarnaast kijk ik ook hoe je die ethisch kunt begeleiden. Denk bijvoorbeeld aan genome editing waarmee we menselijk of dierlijk dna kunnen aanpassen. Ik denk dat we de vraag moeten stellen hoe we deze technologie vanuit ethische waarden kunnen inbedden in de maatschappij. Als we ons beperken tot het trekken van grenzen bij dit soort ingewikkelde of controversiële vraagstukken, laten we veel kansen liggen.’ Dat betekent niet dat we alle techniek moeten accepteren, zegt Verbeek. ‘Ik zou geen goede manier weten om een atoombom in de maatschappij te integreren. Sommige technologieën zijn intrinsiek fout.’

Verbeeks begeleidingsethiek is niet alleen bedoeld voor de tekentafel van ethici en filosofen. Hij bepleit een aanpak waarbij professionals en burgers worden betrokken, mensen die met technologieën werken en daardoor ervaren wat de impact ervan is. ‘Denk aan het ontwerp van een nieuw model scanner in een ziekenhuis, waarmee je voor het eerst bepaalde aandoeningen kunt detecteren. Die nieuwe kennis leidt ertoe dat je behandelkeuzes moet maken die je eerder niet had. Wat verandert er dan in de verantwoordelijkheden tussen artsen, verpleegkundigen en patiënten? Wat gebeurt er met de data? De ervaringen van gebruikers van zo’n scanner zijn belangrijk om te beoordelen welke waarden op het spel staan, zoals welzijn, solidariteit of privacy. Met die ervaringen kunnen we bepalen hoe nieuwe technologie het beste kan worden toegepast en of we bijvoorbeeld de regelgeving hieromtrent moeten aanpassen.’

Autonomie

Momenteel is Verbeek betrokken bij ‘De ethiek van sociaal disruptieve technologie’, een tienjarig onderzoeksprogramma van meerdere samenwerkende universiteiten waaronder zijn alma mater, de Universiteit Twente. Dit programma gaat over de komst van nieuwe technologieën die de potentie hebben om grote veranderingen teweeg te brengen in het dagelijks leven, zoals Artificial Intelligence (AI) of het inzetten van robots. Om met verschillende groepen mensen samen te werken is een gemeenschappelijke taal nodig, zegt Verbeek, en moeten begrippen opnieuw worden gedefinieerd.

‘Voor veel nieuwe technologieën kunnen we niet langer de standaardtermen en kaders gebruiken die in de ethiek lang gebruikelijk waren, zoals autonomie, controle of verantwoordelijkheid. Zulke woorden en begrippen moeten we opnieuw definiëren.’ Verbeek legt uit wat dit betekent als we het hebben over kunstmatige intelligentiesystemen. ‘Deze systemen leren van de interactie met hun omgeving, daardoor ontwikkelen ze een bepaalde autonomie. Wat ze doen, valt niet helemaal te herleiden tot wat mensen er ooit ingestopt hebben. Autonomie is een voorbeeld van een woord dat we vroeger alleen voor mensen gebruikten, maar dat nu ook op algoritmes van toepassing is.’

De autonome ontwikkeling van de techniek leidt soms tot onwenselijke situaties. Verbeek noemt de chatbot van Microsoft, die in 2016 online ging en binnen een dag, op basis van gesprekken van gebruikers, allerlei racistische en antisemitische praat uitsloeg.

‘Die chatbot hebben we uit de maatschappij gehaald. Inmiddels zijn we er steeds meer van doordrongen dat we dit soort systemen goed moeten opvoeden. Opvoeden is een ander woord dat we vroeger alleen voor mensen gebruikten. We kunnen dat bij een chatbot doen door bijvoorbeeld kwalitatief goede datasets te gebruiken, waarvan de data niet verouderd zijn of vervuild. Ook moeten we de manier waarop zo’n chatbot zich ontwikkelt, goed in de gaten te houden. Want zoals iedereen weet, met een goede opvoeding zijn we er niet, we moeten ook goed blijven begeleiden.’

Soms maakt het gebruik van technologie ons duidelijk dat er grenzen zijn aan de mogelijkheden om de wereld naar onze hand te zetten. Verbeek vertelt dat hij opgroeide in een katholiek gezin. ‘Ik ben wat van het geloof afgedwaald, zou je kunnen zeggen. Maar ik heb geen behoefte om me tegen het katholicisme af te zetten. Wel vind ik het onbegrijpelijk dat de kerk, zeker het Vaticaan, in veel opzichten zo ongelooflijk conservatief is wat betreft technologie.’ Hij noemt vruchtbaarheidsbehandeling IVF. ‘Het Vaticaan is tegen IVF want het vindt dat je een kind niet maakt, maar ontvangt. Terwijl iedere poging die je met IVF doet, juist laat zien dat een zwangerschap niet vanzelfsprekend is. Je hoopt daarop maar je ervaart met IVF dat het krijgen van een kind onbeheersbaar is. Techniek heeft een existentiële of zelfs religieuze dimensie.’

Autonomie

Momenteel is Verbeek betrokken bij ‘De ethiek van sociaal disruptieve technologie’, een tienjarig onderzoeksprogramma van meerdere samenwerkende universiteiten waaronder zijn alma mater, de Universiteit Twente. Dit programma gaat over de komst van nieuwe technologieën die de potentie hebben om grote veranderingen teweeg te brengen in het dagelijks leven, zoals Artificial Intelligence (AI) of het inzetten van robots. Om met verschillende groepen mensen samen te werken is een gemeenschappelijke taal nodig, zegt Verbeek, en moeten begrippen opnieuw worden gedefinieerd.

‘Voor veel nieuwe technologieën kunnen we niet langer de standaardtermen en kaders gebruiken die in de ethiek lang gebruikelijk waren, zoals autonomie, controle of verantwoordelijkheid. Zulke woorden en begrippen moeten we opnieuw definiëren.’ Verbeek legt uit wat dit betekent als we het hebben over kunstmatige intelligentiesystemen. ‘Deze systemen leren van de interactie met hun omgeving, daardoor ontwikkelen ze een bepaalde autonomie. Wat ze doen, valt niet helemaal te herleiden tot wat mensen er ooit ingestopt hebben. Autonomie is een voorbeeld van een woord dat we vroeger alleen voor mensen gebruikten, maar dat nu ook op algoritmes van toepassing is.’

De autonome ontwikkeling van de techniek leidt soms tot onwenselijke situaties. Verbeek noemt de chatbot van Microsoft, die in 2016 online ging en binnen een dag, op basis van gesprekken van gebruikers, allerlei racistische en antisemitische praat uitsloeg. ‘Die chatbot hebben we uit de maatschappij gehaald. Inmiddels zijn we er steeds meer van doordrongen dat we dit soort systemen goed moeten opvoeden. Opvoeden is een ander woord dat we vroeger alleen voor mensen gebruikten. We kunnen dat bij een chatbot doen door bijvoorbeeld kwalitatief goede datasets te gebruiken, waarvan de data niet verouderd zijn of vervuild. Ook moeten we de manier waarop zo’n chatbot zich ontwikkelt, goed in de gaten te houden. Want zoals iedereen weet, met een goede opvoeding zijn we er niet, we moeten ook goed blijven begeleiden.’

Soms maakt het gebruik van technologie ons duidelijk dat er grenzen zijn aan de mogelijkheden om de wereld naar onze hand te zetten. Verbeek vertelt dat hij opgroeide in een katholiek gezin. ‘Ik ben wat van het geloof afgedwaald, zou je kunnen zeggen. Maar ik heb geen behoefte om me tegen het katholicisme af te zetten. Wel vind ik het onbegrijpelijk dat de kerk, zeker het Vaticaan, in veel opzichten zo ongelooflijk conservatief is wat betreft technologie.’ Hij noemt vruchtbaarheidsbehandeling IVF. ‘Het Vaticaan is tegen IVF want het vindt dat je een kind niet maakt, maar ontvangt. Terwijl iedere poging die je met IVF doet, juist laat zien dat een zwangerschap niet vanzelfsprekend is. Je hoopt daarop maar je ervaart met IVF dat het krijgen van een kind onbeheersbaar is. Techniek heeft een existentiële of zelfs religieuze dimensie.’

‘We onderzoeken zelfs hoe we de kracht van de zon kunnen afzwakken’

Ingenieurs

De laatste jaren was Verbeek betrokken bij UNESCO, sinds 2018 als voorzitter van de COMEST-commissie, een wereldwijd netwerk van achttien experts dat advies uitbrengt over actuele onderwerpen zoals AI en robotica. ‘Het werk voor UNESCO vind ik een van de meest inspirerende dingen die ik in mijn leven gedaan heb. Nog steeds vind ik het haast ontroerend als ik het gebouw in Parijs binnenkom, waar mensen uit alle hoeken van de wereld bijeenkomen om het samen eens te worden over de toekomst van wetenschap, cultuur, onderwijs en communicatie.’

Hoog op de agenda van de COMEST-commissie staat de impact van technologie op klimaatverandering, en de vraag of we met geo-engineering grootschalig moeten ingrijpen in de natuurlijke systemen van de aarde om klimaatverandering tegen te gaan. ‘We zijn nu bezig met een studie naar de ethiek van geo-engineering. Als we straks de zon zouden kunnen dimmen, wat moeten we daar dan van vinden en hoe kun je er überhaupt een ethisch gesprek over voeren? Wie mogen er daarbij aan tafel zitten? Moeten we de toekomstige generaties mensen laten meepraten? Moeten de ecosystemen een stem hebben?’

Het zijn fundamentele en onontkoombare vragen, zegt Verbeek. ‘Sommige mensen zeggen: als de politici er niet uitkomen, laat de ingenieurs dan maar gewoon CO2 gaan afvangen. Dat zijn radicale en gevaarlijke ideeën met grote risico’s, want stel dat dat fout gaat, dat je bijvoorbeeld te veel CO2 absorbeert en de aarde gaat afkoelen. We moeten bedenken hoe we hier op een democratische manier antwoorden op kunnen vinden.’

Techniek is onderdeel van de menselijke conditie, stelt de mediatietheorie die Verbeek met collega’s ontwikkelde. ‘Je kunt zeggen, ik wil helemaal autonoom zijn, dus er mag geen enkele invloed op mij uitgeoefend worden. Maar ik denk dat er een andere definitie van autonomie mogelijk is, waarin we ons juist in vrijheid verhouden tot al die invloeden waar we onherroepelijk aan blootstaan. We leven niet in een vacuüm, maar in een wereld met andere mensen, technologieën, instituties. Als we begrijpen hoe technologie in ons zit, kunnen we verantwoordelijkheid nemen voor de manieren waarop technologie invloed heeft op onze moraal, op onze wetenschap, op religie. Ook het aanvaarden van de omstandigheden waarmee je te maken krijgt, leidt tot een vorm van vrijheid.’

Ingenieurs

De laatste jaren was Verbeek betrokken bij UNESCO, sinds 2018 als voorzitter van de COMEST-commissie, een wereldwijd netwerk van achttien experts dat advies uitbrengt over actuele onderwerpen zoals AI en robotica. ‘Het werk voor UNESCO vind ik een van de meest inspirerende dingen die ik in mijn leven gedaan heb. Nog steeds vind ik het haast ontroerend als ik het gebouw in Parijs binnenkom, waar mensen uit alle hoeken van de wereld bijeenkomen om het samen eens te worden over de toekomst van wetenschap, cultuur, onderwijs en communicatie.’

Hoog op de agenda van de COMEST-commissie staat de impact van technologie op klimaatverandering, en de vraag of we met geo-engineering grootschalig moeten ingrijpen in de natuurlijke systemen van de aarde om klimaatverandering tegen te gaan. ‘We zijn nu bezig met een studie naar de ethiek van geo-engineering. Als we straks de zon zouden kunnen dimmen, wat moeten we daar dan van vinden en hoe kun je er überhaupt een ethisch gesprek over voeren? Wie mogen er daarbij aan tafel zitten? Moeten we de toekomstige generaties mensen laten meepraten? Moeten de ecosystemen een stem hebben?’

Het zijn fundamentele en onontkoombare vragen, zegt Verbeek. ‘Sommige mensen zeggen: als de politici er niet uitkomen, laat de ingenieurs dan maar gewoon CO2 gaan afvangen. Dat zijn radicale en gevaarlijke ideeën met grote risico’s, want stel dat dat fout gaat, dat je bijvoorbeeld te veel CO2 absorbeert en de aarde gaat afkoelen. We moeten bedenken hoe we hier op een democratische manier antwoorden op kunnen vinden.’

Techniek is onderdeel van de menselijke conditie, stelt de mediatietheorie die Verbeek met collega’s ontwikkelde. ‘Je kunt zeggen, ik wil helemaal autonoom zijn, dus er mag geen enkele invloed op mij uitgeoefend worden. Maar ik denk dat er een andere definitie van autonomie mogelijk is, waarin we ons juist in vrijheid verhouden tot al die invloeden waar we onherroepelijk aan blootstaan. We leven niet in een vacuüm, maar in een wereld met andere mensen, technologieën, instituties. Als we begrijpen hoe technologie in ons zit, kunnen we verantwoordelijkheid nemen voor de manieren waarop technologie invloed heeft op onze moraal, op onze wetenschap, op religie. Ook het aanvaarden van de omstandigheden waarmee je te maken krijgt, leidt tot een vorm van vrijheid.’

Wie is Peter-Paul Verbeek?

Sinds 1 oktober 2022 is Peter-Paul Camiel Christiaan Verbeek (Middelburg, 1970) rector magnificus en lid van het College van Bestuur van de Universiteit van Amsterdam. Daarnaast is hij hoogleraar Filosofie en Ethiek van Wetenschap en Technologie in een Veranderende Wereld aan de UvA. Verbeek studeerde Wijsbegeerte van wetenschap, technologie en samenleving aan de Universiteit Twente (UT), waar hij ook promoveerde. Aan de UT was hij tot oktober 2022 universiteitshoogleraar Filosofie van Mens en Techniek bij de afdeling Filosofie, en wetenschappelijk mededirecteur van het DesignLab. Ook was hij tot zijn aantreden als rector honorair hoogleraar Techno-Anthropologie aan de Universiteit Aalborg, Denemarken.

Verbeek is momenteel een van de zes hoofdonderzoekers van een tienjarig onderzoeksprogramma over de ethiek van sociaal disruptieve technologieën (ESDiT). Hij is tot en met 2023 voorzitter van de UNESCO World Commission for the Ethics of Scientific Knowledge and Technology (COMEST) en voorzitter van de ECP begeleidingscommissie Ethiek en Digitalisering. Hij was onder meer vice-voorzitter van het bestuur van het Rathenau Instituut en voorzitter van de KNAW Commissie voor de Vrijheid van Wetenschapsbeoefening. Verbeek is lid van de Koninklijke Nederlandse Academie van Wetenschappen, de Academie voor Technologie en Innovatie en de Koninklijke Hollandsche Maatschappij van Wetenschappen. Hij is getrouwd en heeft vier zoons.

Video
Delen

Uw naam

E-mail

Naam ontvanger

E-mail adres ontvanger

Uw bericht

Verstuur

Share

E-mail

Facebook

Twitter

LinkedIn

WhatsApp